Proefwerken en rapportering

proefwerkroosters december 25

1e jaar
2e jaar
3e jaar
4e jaar
5e jaar
6e jaar
7e jaar

 

Onze visie op leren en evalueren is gebaseerd op de leercurve. Een uitdagende vorm om leerlingen te laten leren en zowel leerproces als het leerresultaat krijgt een belangrijke plaats in leren en evalueren. Op die manier willen we leerlingen begeleiden, oriënteren en laten groeien. Regelmatige feedbackmomenten zijn kansen om samen met de leerling stil te staan bij het leerproces, doelstellingen bij te sturen en keuzes voor de toekomst te verkennen.

 

We onderscheiden drie vormen van evaluatie:
Kleine opdrachten (KO): formatieve toetsen die de bouwstenen van de leerstof bevragen. Zij geven leerlingen en leerkracht inzicht in het leerproces en bieden mogelijkheden tot bijsturing. Dit kunnen toetsen zijn rond kleinere leerstofonderdelen, voorbereidingen, taken, werkattitudes, …
Grote opdrachten (GO): toetsen die naast de bouwstenen ook de samenhang, integratie en beheersing van de leerstof nagaan. Dit kunnen grotere taken, presentaties, toetsen per hoofdstuk of werkstukken zijn.
Proefwerken: deze summatieve evaluaties bevragen grotere leerstofgehelen tijdens de proefwerkperiodes (kerst en juni). Hier wordt in beperkte tijd nagegaan in welke mate de leerling de leerstof kan verwerken, integreren en toepassen. In de arbeidsmarktfinaliteit zijn er tijdens de proefwerkenperiode ook praktijkproeven. Er zijn proefwerken voor alle vakken, behalve lichamelijke opvoeding, beeld, plastische opvoeding en GFL. Voor de aanvang van de proefwerken is er een sperperiode van 5 lesdagen voor alle vakken. In deze periode kunnen leerlingen zich voorbereiden op de proefwerken en worden geen toetsen en taken gegeven.

Er zijn 2 semesterrapporten (vormen samen rapport Jaartotaal):
  • Semesterrapport 1 – kerst
  • Semesterrapport 2 – juni

De semesterrapporten (telkens na een periode van proefwerken) zorgen voor een evenwichtige spreiding van de leerstof en de evaluatie.

Er zijn 2 tussentijdse rapporten:

  • Tussentijds rapport – herfst
  • Tussentijds rapport – Pasen

De punten die de leerlingen behalen op de tussentijdse rapporten, zijn verworven. Dit betekent dat de punten die in het eerste deel van het semester in het puntenboekje genoteerd werden, daar blijven staan én aangevuld worden met de punten van KO’s en GO’s die tijdens het tweede deel van het semester nog gegeven worden. Op het einde van elk semester worden alle punten KO en GO, die verdiend werden tijdens dat semester, getotaliseerd en samengebracht met de behaalde resultaten van de proefwerken. Ze resulteren in het jaarrapport.

KO GO Proefwerken
Eerste graad 1/3 1/3 1/3
Tweede graad arbeidsmarkt 1/3 1/3 1/3
dubbele finaliteit 30% 30% 40%
doorstroomfinaliteit 25% 25% 50%
Derde graad arbeidsmarkt 1/3 1/3 1/3
dubbele finaliteit 25% 25% 50%
doorstroomfinaliteit 30% 70%
7de jaar 7BI + 7 Duaal 1/3 1/3 1/3
7BT 25% 25% 50%

Het rapport bevat alle resultaten per vakonderdeel. Er wordt een weging toegekend aan elk vak volgens de verhouding van het aantal uur per week die samen het totaalpercentage bepalen. In 1A wordt het focusgedeelte niet meegerekend in het totaalpercentage. Deze gegevens kunnen wel richtinggevend voor een juiste studiekeuze. In alle andere richtingen worden zowel basis- als complementair gedeelte opgenomen in het totaal. Sommige vakonderdelen maken deel uit van een geïntegreerde projectmatige aanpak. Elke van deze onderdelen wordt afzonderlijk gequoteerd. Op het rapport krijg je ook een subtotaal van deze vakonderdelen. Deze zijn informatief.

Als campus kiezen we er voor om een geïntegreerde proef te organiseren. De GIP bestaat uit een reeks opdrachten die je dient uit te voeren voor een aantal specifieke vakken van je studierichting op het einde van het 6de en 7de jaar. Hierbij staat de integratie tussen de verschillende vakken centraal. De geïntegreerde proef toetst of je voldaan hebt voor “het geheel van de vorming”. Door het vakoverschrijdend karakter (=geïntegreerd) van de proef is het resultaat ervan een belangrijk element in de beslissing van de delibererende klassenraad. De (eindevaluatie van de) geïntegreerde proef wordt mee beoordeeld door externe juryleden. De evaluatie van de geïntegreerde proef reikt de delibererende klassenraad een oordeel aan over het voldaan hebben voor de praktische en de technische aspecten van de vorming. De delibererende klassenraad beslist steeds op basis van het globale dossier, het resultaat van de geïntegreerde proef is daarbij een belangrijk element. De concrete invulling, afspraken en evaluatiecriteria staan beschreven in de GIP-bundel die iedere leerling zal ontvangen en die ook besproken wordt tijdens de lessen.
[lees verder onder de beelden]